Abrahams pleidooi

10-09-2018
Abraham met zijn jongste dochtertje

De Indonesische evangelist Abraham Ben Moses wordt beschuldigd van blasfemie en het ‘aanzetten tot religieuze haat’, nadat hij het Evangelie deelde met een taxichauffeur. Abraham werd in december vorig jaar gearresteerd. Op 7 mei, tijdens de veertiende zitting in zijn zaak, hield hij een vurig pleidooi, waarin hij de rechtbank niet alleen wilde overtuigen van zijn onschuld, maar ook alle aanwezigen vrijmoedig vertelde dat er alleen redding is in Jezus Christus. Ook stelde Abraham de ongelijke behandeling van christenen en moslims aan de kaak.

Abraham vertelde een taxichauffeur over Jezus Christus. Dat zie je in dit filmpje:

https://www.youtube.com/watch?v=j8o1asz1E4E&t=17s


Hieronder volgt een aantal passages uit Abrahams pleidooi.

“Dit is een bijzondere dag voor mij: God heeft me naar deze beklaagdenbank geleid, dat heb ik niet zelf gedaan. Nu sta ik voor u, edelachtbare rechters. Ik weet dat voor God niets onmogelijk is. In Job 42 vers 2 staat: Ik weet dat U alles vermag, en geen plan is onmogelijk voor U.”

“Edelachtbare, ik heb geen religie gelasterd en als ik iemands gevoel heb gekrenkt of een groep mensen heb beledigd, dan was dat niet met opzet. (…) Ik heb mijn overtuigingen niet publiekelijk gedeeld, alleen met individuen. Ik heb hem [de taxichauffeur] alleen uitgenodigd om Jezus te gaan volgen (…). Ik heb hem niet aangemoedigd om bijvoorbeeld een moskee in brand te steken of een moellah te vermoorden. Dat gebeurt andersom wel: een moellah hitst zijn aanhangers op om voorgangers af te slachten en kerken in brand te steken. De video is wijd verspreid op internet. Maar ik? Ik nodigde alleen maar anderen uit om een discipel van Jezus te worden.”

“Ik ben bereid mijn ziel, lichaam, leven en alles wat ik heb
op te offeren voor Jezus Christus.”

“De wereld leert dat we elkaar moeten liefhebben. Jezus, die uit de hemel kwam, gaat een stap verder en leert zijn mensen in Mattheus 5:44: ‘Heb uw vijanden lief; zegen hen die u vervloeken; doe goed aan hen die u haten; en bid voor hen die u beledigen en u vervolgen.’ Dit vers dringt mij om door te gaan met het delen van het Evangelie van het hemelse Koninkrijk.”

In onderstaand filmpje het getuigenis van Abraham vanachter de tralies.

https://www.youtube.com/watch?v=4XPg2s_8uTI

“Toen ik christen werd, op 4 maart 2006, schreef ik: ‘Ik ben bereid mijn ziel, lichaam, leven en alles wat ik heb op te offeren voor de verheerlijking van Jezus Christus’. Sindsdien heb ik mijn leven aan Hem toegewijd.”

“Ik telde meer dan 650 boeken, geschreven door moslims, waarin Indonesische christenen in diskrediet worden gebracht. Maar christenen mogen niet terugvechten, zelfs niet demonstreren. Jezus leert ons: ‘Als iemand je op de rechterwang slaat, keer hem ook de andere toe.’”

“Het lasteren van het christendom begon toen Jezus zelf startte met zijn onderwijs. Hij werd gekruisigd door de raad van Joodse hogepriesters – vergelijkbaar met de MUI [het hoogste islamitische orgaan in Indonesië] – alleen maar omdat Hij preekte over vrede en verdraagzaamheid, eerlijkheid en de tien geboden. (…) Jezus sprak over liefde en Zijn onderwijs kan niet verspreid worden met geweld. Jezus zwaaide nooit met een zwaard of zelfs maar met een keukenmes om mensen bang te maken. (…) Ik heb duizenden boeken gelezen, maar ben nooit een leraar tegengekomen die de voeten van zijn leerlingen waste. Alleen Jezus deed dat.”

“Edelachtbare, Jezus Christus – of Isa al-masih – droeg op om alle volken tot Zijn discipelen te maken. Dat is alles wat ik doe, mensen zoeken die ik kan maken tot discipelen van Jezus – niet van mijn eigen onderwijs.  Ik volg alleen Zijn opdracht op.”

“Wat is evangeliseren? Misschien kent u deze term niet, edelachtbare. Evangeliseren is het Goede Nieuws vertellen aan zondaren, mensen die in de steek zijn verlaten, die vermoeid zijn of gebukt gaan onder zware lasten. Door de vloek van de zonde worden mensen ziek, arm of komen ze in de gevangenis terecht. Christenen zoeken de armen op onder de bruggen en geven hen noedels, shirts, een medische behandeling, enz. Evangeliseren is dus een must.”

“Ik ben Saifuddin Ibrahim, of Abraham ben Moses, en mijn lijden weegt niet op tegen dat van Paulus. Hoewel ik trots zou zijn met hem vergeleken te worden, wil ik niet mijn leven in de gevangenis doorbrengen.”

“Ik leg mijn leven aan de voeten van Christus. Zijn wil geschiede.”


De dag nadat Abraham ben Moses zijn zaak verdedigde, deed de rechtbank uitspraak: Abraham werd veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf en een boete van 50 miljoen roepies (3000 euro) wegens het ‘bewust verspreiden van informatie met de bedoeling om aan te sporen tot haat tegen een specifieke religieuze groep en de gemeenschap’. De straf is een jaar korter dan de strafeis. Abrahams advocaat kondigde een beroep aan. “Deze straf is te zwaar voor de verdachte”.

Laten we bidden dat Abraham in hoger beroep wordt vrijgesproken. Dank God voor zijn moedige getuigenis en bid dat zijn geloof zo sterk blijft, hoe het ook verder gaat.

Abraham en zijn gezinAbraham en zijn gezin




Medewerker aan het woord:

Bij het lezen van Abrahams pleidooi dacht ik aan Petrus en Johannes die zich voor de Hoge Raad moesten verantwoorden voor de genezing van een kreupele. En die die gelegenheid aangrepen om zich niet alleen te verdedigen, maar ronduit het Evangelie te preken. Toen hun vrijmoedigheid werd opgemerkt, werden ze herkend ‘als mensen die met Jezus samen geweest waren.’ De vrijmoedigheid waarmee Abraham het Evangelie preekt voor een zaal moslims, raakt me. Ik weet zeker dat de oorzaak van die vrijmoedigheid hetzelfde was als bij Petrus en Johannes: Abraham was met Jezus samen geweest.

- Harm
Stuur mij verhalen via de e-mail
Kies welk nieuws
Wat wilt u ontvangen?
Terug naar overzicht